De Letse opzegging van het Europees verdrag ter voorkoming van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld – het Verdrag van Istanbul – is voorlopig van de baan. Nadat het parlement in meerderheid voor uittreding stemde, kwam de bevolking in opstand. Met succes: de plannen gaan de ijskast in, in elk geval voor de resterende zittingsduur van het huidige parlement.
Duizenden betogers demonstreren met spandoeken en borden op 6 november 2025 in het centrum van hoofdstad Riga tegen de voorgenomen Letse terugtrekking uit het Verdrag van Istanbul, dat bedoeld is om vrouwen te beschermen tegen gendergerelateerd en huiselijk geweld. Foto: ANP / AFP / Gints Ivuskans
Het Verdrag van Istanbul – voluit het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld – was in het Lets parlement een speelbal geworden in een politieke twist. Dezelfde Saeima, zoals het parlement in Letland heet, die twee jaar geleden het Verdrag nog formeel bekrachtigde, raakte de afgelopen weken verzeild in een hallucinant debat over ogenschijnlijke pietluttigheden in de verdragstekst.
Genderideologie
Het initiatief om uit het Verdrag van Istanbul te stappen kwam van de conservatieve partij Letland Eerst (LPV) van Ainārs Šlesers, die algemeen wordt beschouwd als een van de drie ‘oligarchen’ van Letland vanwege de verstrengeling van zijn politieke en zakelijke belangen. Het Letse anticorruptiebureau KNAB heeft al meermaals achter Šlesers aan gezeten, maar tot een veroordeling is het nooit gekomen.
De uittreding kon rekenen op steun van de conservatieve oppositiepartijen Verenigde Lijst en Nationale Alliantie, de partij Voor Stabiliteit! die vooral voor de Russischtalige minderheid opkomt, en de conservatieve coalitiepartij Unie van Groenen en Boeren (ZZS).
Waar het de initiatiefnemers van de uittreding uit het Verdrag van Istanbul om gaat is de verwijzing naar gender in Artikel 3 van de verdragstekst. In de Engelse en ook in de Nederlandse versie wordt ‘gender’ gebruikt in plaats van ‘geslacht’ omdat geweld tegen vrouwen doorgaans gebaseerd is op maatschappelijk bepaalde rollen en verhoudingen tussen man en vrouw, en niet op het biologische vrouw zijn.
In de Letse versie van het verdrag is ‘gender’ vertaald als ‘sociālais dzimums’, wat neerkomt op ‘sociaal geslacht’, een ongelukkige vermenging van het sociale construct ‘gender’ met biologische kenmerken zoals bedoeld in ‘geslacht’. Al voor de ratificatie van het verdrag in 2023 zorgde dit voor een babylonische spraakverwarring in de Letse politiek. In de afgelopen weken benadrukten voorstanders van uittreding dat deze term de deur openzet voor een ‘genderideologie’ die de traditionele Letse nationale en familiewaarden ondermijnt.
Politieke revanche
Voor de Nationale Alliantie en de Verenigde Lijst lijkt de steun voor uittreding ook revanche tegen regeringspartij Nieuwe Eenheid, die de vorige coalitie van die drie partijen opblies. Dat verklaart ook waarom de Lets-nationalistische Nationale Alliantie en de etnisch Russische partij Voor Stabiliteit! – wier belangen doorgaans tegenover elkaar staan – in dit geval samen optrekken.
Coalitiepartij ZZS stelde voor om ter vervanging van het Verdrag van Istanbul een eigen, nationale, verklaring op te stellen ter preventie van huiselijk geweld en geweld tegen vrouwen. Die verklaring zou dan gevrijwaard blijven van ambigue termen op het gebied van gender.
Uiteindelijk kwam het in het parlement tot een stemming, waarbij een meerderheid stemde voor uittreding uit het Verdrag. Daarmee zou Letland het eerste EU-land worden dat besluit om uit het Verdrag ter preventie van geweld tegen vrouwen te stappen. Dat was dusdanig groot nieuws dat ook de Nederlandse dagbladen en omroepen erover berichtten, waaronder NRC, AD, NOS en BNR.
Uittreding op de lange baan
Maar zover kwam het niet. De Letten, doorgaans tamelijk ‘protestschuw’, gingen in zeldzaam groten getale – volgens de politie meer dan 10,000, op een bevolking van slechts 1,85 miljoen – de straat op om nabij het parlementsgebouw in Riga te demonstreren tegen de voorgenomen opzegging van het verdrag. Een online petitie tegen uittreding werd door bijna 70.000 Letten met het lokale equivalent van DigiD ondertekend. President Edgars Rinkēvičs – zelf lid van coalitiepartij Nieuwe Eenheid, die tegen uittreding stemde – verwees het wetsvoorstel tot uittreding uiteindelijk ter heroverweging terug naar het parlement.
Meerdere partijen hadden na de grote maatschappelijke verontwaardiging over uittreding inmiddels koudwatervrees gekregen, waaronder coalitiepartij ZZS die het voorstel in eerste instantie aan een parlementaire meerderheid had geholpen. ZZS, maar ook oppositiepartijen Nationale Alliantie en Verenigde Lijst willen geen politieke schade oplopen in de aanloop naar de parlementsverkiezingen die gepland staan voor oktober volgend jaar en kozen daarom uiteindelijk eieren voor hun geld. De Saeima besloot de behandeling van het wetsvoorstel tot uittreding uit het Verdrag van Istanbul uit te stellen tot uiterlijk november volgend jaar, dus na de verkiezingen.
Coalitie onder hoogspanning
Of die verkiezingen daadwerkelijk tot oktober 2026 op zich laten wachten, moet nog blijken. Dat parlementariërs van de conservatieve ZZS mee stemden met het wetsvoorstel tot uittreding uit het verdrag deed de toch al fragiele verhoudingen in de coalitie met de Progressieven en centrumpartij Nieuwe Eenheid – van president Rinkēvičs en premier Evika Siliņa – geen goed. Reinis Uzulnieks, namens de ZZS minister van Welzijn, beschuldigde zijn collega-ministers Dace Melbārde (Nieuwe Eenheid) en Agnese Lāce (Progressieven) van respectievelijk Onderwijs en Wetenschap en Cultuur ervan dat hun ministeries met het Verdrag van Istanbul in de hand genderideologie doordrukken.
Met de verzuurde onderlinge relaties dreigt zelfsabotage in de coalitie. Uit het kamp van de Progressieven klinkt al een pleidooi voor een minderheidskabinet. Daarmee is het uitstel van de behandeling van de uittreding uit Istanbul geen oplossing voor de problemen in de Letse regering. Het uitstel heeft bovendien de angel niet uit de discussie gehaald, waardoor het Verdrag en de vermeende genderideologie die het promoot een belangrijke rol lijken te gaan spelen in de campagne voor de aankomende verkiezingen.
Huiselijk geweld tegen vrouwen is een groot probleem in Letland. Op basis van data van de Verenigde Naties is het land koploper in Europa op het gebied van femicide – gendergerelateerde moord op vrouwen – per hoofd van de bevolking, nog boven Rusland.
Help ons om RAAM voort te zetten
Met uw giften kunnen wij auteurs betalen, onderzoek doen en kennisplatform RAAM verder uitbouwen tot hét centrum van expertise in Nederland over Rusland, Oekraïne en Belarus.



