Toen De Telegraaf op zijn site een artikel publiceerde met de kop ‘Elke morgen werd de nazi-groet gebracht’, belandde oorlogsvrijwilliger Hendrik in een digitale storm. Kremlin-propagandisten grepen het citaat aan als bewijs voor hun narratief dat ‘Oekraïne vol zit met nazi’s’. Dénis van Vliet las het artikel en sprak met de Nederlander, die sinds 2022 aan de zijde van Oekraïne meevocht.
Moeder van de gesneuvelde soldaat Joechoem Agafontsev (22), militair bij de Derde Stormbrigade, bij dienst uitvaart in Kyiv op 2 december 2025. Foto Sergej Dolzjenko / ANP / EPA
Hendrik (40) schrok toen hij zaterdag 10 januari de site van De Telegraaf bekeek. ‘Elke morgen werd de nazi-groet gebracht’, stond boven een interview met hem. Het was het laatste deel van een tweeluik over zijn ervaringen als oorlogsvrijwilliger in Oekraïne. ‘In al die tijd dat ik in Oekraïne heb gediend, heb ik het één keer gezien. En dat was nota bene bij een Turkse soldaat’, zegt Hendrik. Dat is niet zijn echte naam: De Telegraaf gebruikte een pseudoniem om zijn veiligheid te waarborgen. De redactie van RAAM, die de werkelijke voor- en achternaam van Hendrik kent, volgt de krant daarin.
Radicaal-linkse en -rechtse groepen grepen het sensationele citaat op sociale media direct aan. Binnen enkele uren belandde Hendrik in een digitale storm.
De Russische ambassade, de laatste tijd actiever dan ooit op de sociale media, schreef op X: 'Swastika's en dagelijkse nazi-groeten – De Telegraaf onthult de duistere realiteit. Nederlandse wapens eindigen in de handen van neo-nazi's. Is dit de Europese Keus die wordt betaald door Den Haag?' Ewald Engelen, hoogleraar financiële geografie aan de Universiteit van Amsterdam en bij de laatste verkiezingen nummer vijf op de lijst van de links-pacifistische partij Vrede voor de Dieren, twitterde op X: ‘Weet wat u steunt'. Ook de in Rusland woonachtige 'burgerjournalist' Sonja van den Ende, die geregeld op het staatspropagandakanaal RT de door Rusland begonnen oorlog tegen Oekraïne duidt, reageerde: ‘Nu beweert De Telegraaf iets wat ik al sinds 2022 weet: dat soldaten elke dag de Hitlergroet brengen!’
Kritiek uit betrokkenheid
Hendrik zucht als RAAM hem belt: ‘Het is nooit mijn bedoeling geweest om Oekraïne in een kwaad daglicht te stellen of een Russisch narratief te voeden. Zulke excessen zijn aan de Russische kant, bijvoorbeeld bij de Wagner-groep, vele malen erger en systematischer dan dat incidentele geval dat ik heb gezien. Ik heb een warm hart voor het Oekraïense volk; ik ben erheen gegaan om hen te verdedigen.’
Het punt dat Hendrik had willen maken, was: de manier waarop Oekraïne de inzet van oorlogsvrijwilligers heeft geregeld, is chaotisch en dat schaadt de verdediging van het land juist. Zijn verhaal is dat van een oud-medewerker van de Nederlandse krijgsmacht, die kort na de grootschalige invasie gehoor gaf aan de oproep van de Oekraïense president Zelensky om mee te komen vechten aan de zijde van Oekraïne.
In totaal reisde hij vijf keer af naar het land en diende hij bij verschillende eenheden. Maar elke keer liep hij tegen barrières aan – geld, taal, gebrekkige uitrusting – en hij raakte zelfs een keer gewond, waarna hij naar eigen zeggen aan zijn lot werd overgelaten. ‘Mijn zorgen komen juist voort uit betrokkenheid. Want ik heb altijd geleerd: als jij fouten niet onder ogen durft te komen en te erkennen, kun je er ook niet van leren en er iets aan veranderen.’
Grotere context
Het citaat dat de basis vormde voor de kop in De Telegraaf luidde letterlijk: ‘Een paar andere buitenlandse jongens waren ook weg; ze hadden teams gezien waar elke morgen de nazigroet werd gebracht.’ Hendrik bevestigt dat hij dit zo heeft gezegd, maar hij benadrukt nu dat dit binnen een veel grotere context geplaatst moet worden, gebaseerd op zijn eigen ervaringen en de verhalen van andere oorlogsvrijwilligers.
Het is niet de enige passage die, op zijn zachtst gezegd, zeer beknopt is omschreven in een tweeluik dat onjuistheden bevat en nuances mist.
In het eerste deel, gepubliceerd op 3 januari, zegt Hendrik bijvoorbeeld dat hij werd ingekwartierd bij een Mexicaanse pastoor in zijn appartement in Droezjkivka, een industriestadje in Donetsk op een steenworp van het front. In werkelijkheid gaat het om de Braziliaanse kapelaan Padre, een militair bij het Internationaal Legioen van Oekraïne en een bekende verschijning in de regio. Het is een detail, maar wel tekenend voor de slordige omgang met feiten in de berichtgeving van De Telegraaf. 'Dat was een Braziliaan', bevestigt Hendrik. 'Echt een heel leuke vent; daar heb ik nog steeds contact mee.'
Uitblijvende salaris?
De Telegraaf tekent op dat buitenlandse strijders nauwelijks betaald krijgen ('omgerekend 500 dollar per maand') en dat salarissen lang niet altijd worden uitgekeerd. De realiteit is complexer en vooral bureaucratischer.
De salarissen van het Internationaal Legioen zijn publiek bekend: een basissalaris, aangevuld met forse gevechtsbonussen die kunnen oplopen tot 4.600 dollar per maand voor wie in de loopgraven staat.
Hendrik verduidelijkt in gesprek met ons hoe die opbouw werkt: ‘Je hebt een basissalaris van 25.000 a 35.000 hryvnia (500 tot 700 euro). Voor elke dag dat jij de frontlinie ingaat, krijg jij ongeveer 3.000 hryvnia (60 euro) extra bovenop je salaris.’ De ‘500 dollar’ waar het artikel over spreekt, is dus slechts het basisbedrag. Het is volgens hem niet zo dat de Oekraïense staat niet wil betalen; het gaat eerder om bureaucratische regels of persoonlijke conflicten. ‘Het is een administratieve rompslomp waar je u tegen zegt. Als een commandant jou niet mag, of je hebt een conflict, dan "vergeet" hij wel eens wat in te vullen. Dat is geen corruptie van de overheid, dat is gewoon een commandant die een eikel is.’ Waar Hendrik zelf tegenaan liep, had te maken met de voorwaarden van zijn aanstelling: ‘Als je je contract verbreekt binnen je proeftijd, dan krijg je niks. Dat zijn de regels.’
Hij legt uit hoe de houding van de lokale bevolking gedurende de oorlog veranderde: ‘In het begin was het van: "Oh, een buitenlander, wat goed dat je er bent." We werden binnengehaald als helden.’ Maar die sfeer sloeg volgens Hendrik om, waarbij hij als buitenlandse strijder een soort ‘wandelende geldmachine’ werd.
‘Dat is geen corruptie van de overheid, dat is gewoon een commandant die een eikel is’
Hij geeft concrete voorbeelden. ‘Als ik naar een telefoonwinkel ga en Engels spreek, dan kost dat simkaartje ineens drie keer zoveel als voor een Oekraïner. Of als je een appartement wil huren is het voor een Oekraïner vaak drie keer zo goedkoop.’ Voor Hendrik is dit de kern van de corruptie waar hij in de krant op doelde: het gevoel dat hij als vrijwilliger die zijn leven waagt, door de lokale economie wordt uitgekleed.
De kop boven het artikel in De Telegraaf.
Kremlin kaapt Telegraaf-stuk
De reden dat vooral deel twee in De Telegraaf veel tractie kreeg, is het gebruik van ‘nazi-groet’ in de onlineversie.
Kremlingezinde media gingen met het artikel aan de haal om de Russische oorlog tegen Oekraïne – door Poetin verkocht als operatie om het land te ‘denazificeren’ – te rechtvaardigen, iets waar Hendrik en de auteur van het stuk in De Telegraaf van balen.
Telegraaf-journalist: ‘Ook niet blij met die kop in eigen krant’
Het tweeluik over Hendrik is geschreven door Silvan Schoonhoven, verslaggever defensie, terrorisme en extremisme bij De Telegraaf. Hij laat in een reactie weten niet blij te zijn dat Poetin‑propagandisten met zijn artikel aan de haal zijn gegaan. ‘Wij schrijven regelmatig over hoe het Oekraïense leger al bijna vier jaar dapper standhoudt tegen de Russen. Maar over zaken die niet goed lopen, moet je ook kunnen berichten.’ Over de oorspronkelijke kop – ‘Elke morgen werd de nazi-groet gebracht’ – zegt Schoonhoven: ‘Ik ben naar de eindredactie gestapt om dit te laten aanpassen. Daar ging het verhaal namelijk niet over.’
In het interview staat ook dat Hendrik in februari 2025 is benaderd door de Third Separate Assault Brigade, in het Nederlands de Derde Stormbrigade genoemd. De krant schrijft dat 'die verbonden was aan het omstreden Azov-regiment. Dat kwam in het begin van de oorlog in opspraak vanwege neonazi-sympathieën binnen de gelederen.'
Azov – het woordje 'dat' verwijst naar dit regiment, niet naar de Derde Stormbrigade – ontstond in 2014 toen Russische troepen, na de annexatie van de Krim, ook de Donbas binnenvielen en daarmee het begin van de oorlog ontketenden die in 2022 verder werd opgevoerd. Een groep voetbalhooligans, van wie de meesten er inderdaad neonazistische denkbeelden op na hielden, schoten die zomer het slecht georganiseerde Oekraïense leger te hulp. Toen de eerste chaos achter de rug was, greep de Oekraïense regering stapsgewijs in. Azov en andere vrijwilligersbattaljons verloren hun autonomie en werden vervolgens geïntegreerd in de reguliere krijgsmacht. Sinds eind 2014 maakt Azov daarom officieel deel uit van de Nationale Garde van Oekraïne. Azov was toen de grootschalige oorlog in 2022 uitbrak een genormaliseerde, reguliere formatie binnen de Oekraïense veiligheidsstructuren.
De gevoeligheden rondom Azov
Wilt u meer weten over Azov en neonazisme in Oekraïne? RAAM publiceerde daarover eerder onder meer een 'korte geschiedenis van Azov en het Oekraïense fascisme' (april 2022) en het artikel 'De controverse rondom patriotten en neonazi's in de Donbas' (maart 2016).
De Derde Stormbrigade werd op 24 februari 2022 – de eerste dag van de grootschalige Russische invasie – gevormd uit Azov-veteranen en Azov Special Operations Forces (SSO)-eenheden, die in januari 2023 werden samengevoegd tot een reguliere brigade onder de Oekraïense landmacht. Het gezicht van de brigade is Andrij Biletsky uit Charkiv, een commandant met neonazistische denkbeelden. Zijn meest controversiële uitspraken, bijvoorbeeld dat 'witte rassen de wereld moeten leiden in een finale kruistocht tegen Semitisch-geleide Untermenschen', dateren van 2007. Daarna heeft hij zijn toon in het openbaar sterk gematigd. Of hij ook werkelijk anders is gaan denken, is moeilijk vast te stellen. Zelf ontkende hij in 2015 de bovengenoemde uitspraken ooit te hebben gedaan en deed hij die af als een lastercampagne van de Russische veiligheidsdiensten.
Zeker is wel dat de Derde Stormbrigade een jaar na oprichting volledig werd geïncorporeerd binnen de Oekraïense strijdkrachten en daarmee is onderworpen aan algemene militaire wetten en inspecties: die verbieden openlijke nazi-ideologie. Meerdere deskundigen, onder wie Anton Sjechovtsov, Andreas Umland en Michael Colborne, benadrukken dat, hoewel er in Azov nog altijd soldaten meevechten met neonazistische denkbeelden, de eenheid als geheel is hervormd en geïntegreerd in de Nationale Garde van Oekraïne, waar geen ruimte is voor openlijk neonazisme.
Stepan Bandera
Even verderop in het artikel vertelt Hendrik dat hij zich bij de Derde Stormbrigade een keer zo gekleineerd voelde – hij moest van een commandant 35 push-ups in de stromende regen doen na een uit de hand gelopen ruzie met Colombiaanse oorlogsvrijwilligers – dat hij zijn spullen pakte en naar het kantoor liep. Daar werd hij volgens de krant geconfronteerd met vlaggen van Stepan Bandera, omgekeerde hakenkruizen en nazi-symboliek.
Ook dat nuanceert Hendrik nu. Vlaggen met de beeldtenis van Stepan Bandera (1909-1959) – een racistische en antisemitische Oekraïense nationalist, die in de Tweede Wereldoorlog korte tijd optrok met Wehrmacht tegen het Rode Leger en in 1959 door de KGB werd geliquideerd – hebben voor veel Oekraïners in het afgelopen decennium een andere betekenis gekregen. Sinds de Russische annexatie van de Krim en de aanval op de Donbas wordt Bandera minder geassocieerd met de Tweede Wereldoorlog en allengs meer gezien als anti-Russische vrijheidsstrijder. ‘Bandera is voor hun een held. Dat is hun recht. Maar voor ons westerlingen ligt dat heel gevoelig’, legt Hendrik uit.
De zogenaamde ‘omgekeerde hakenkruizen’ – de logo’s van Azov en de Derde Stormbrigade – kunnen inderdaad worden gezien als nazi-symboliek omdat ze sterk lijken op de Wolfsangel. Critici linken aan de SS en de neonazistische wortels van deze Oekraïense eenheden. Volgens Azov en de Derde Stormbrigade zijn de symbolen onschuldiger. Ze zouden staan voor het ‘Idee van de Natie’ (een vervlochten N en I).
‘Ingewikkeld verhaal’
Wie denkt dat Hendrik door het interview een held is geworden bij Kremlinpropagandisten, heeft het mis. Het pro-Russische en doorgaans goed geïnformeerde account Track a Nazi Mercenary (60.000 volgers), dat de identiteit van huurlingen ontmaskert (doxt) en melding maakt van gesneuvelden, somde alle verwijzingen naar nazi-symboliek uit het artikel nog eens op en publiceerde foto’s van Hendrik en zijn ‘dronken kop’. Hoewel Hendrik zich kritisch uitlaat over de Oekraïense zijde, wordt hij door de Russische propagandamachine niet binnengehaald als klokkenluider, maar weggezet als het schoolvoorbeeld van de ‘gedegenereerde westerse huurling’.
Heeft Hendrik spijt van het interview? In het gesprek met ons geeft hij aan dat het ‘spijt’ niet het goede woord is: ’Het is een heel ingewikkeld en groot verhaal. Het is een heel groot verhaal. En het is heel moeilijk voor een journalist om dat in de paar bladzijden neer te pennen’, aldus Hendrik.
Navraag bij andere oorlogsvrijwilligers in Oekraïne leert dat ze Hendrik kennen, en niet iedereen is te spreken over zijn verdiensten. ’Ze vinden mij een lastpak, en dat ben ik ook zeker’, reageert Hendrik daarop. ‘Waarom? Omdat ik durf te zeggen wat ik denk en omdat ik durf te zeggen wat ik voel. Ik ben niet de enige die deze klachten neerlegt. Ik ben voor mezelf met een eerbare reden weggegaan.’
‘Mijn zorgen – en die komen in De Telegraaf ook naar voren – zijn dat door de omgang met westerse huurlingen er steeds minder van hen overblijven en dat Oekraïne nu vooral in trek is bij Colombianen. Alle buitenlanders willen over het algemeen niets meer met Colombianen te maken hebben, want dat zijn gewoon criminelen en ze zijn uiterst gewelddadig.’ Hendrik ziet de aanwezigheid van deze groepen als een tikkende tijdbom: ‘Die Colombianen kunnen er ook voor gaan zorgen dat Oekraïne alsnog weer in een negatief daglicht komt te staan.’
Latijns-Amerikaanse rekruten
Deze bevindingen van Hendrik sporen met een vorig jaar verschenen rapport van het International Centre for Counter-Terrorism (ICCT) over de veranderende aard van de buitenlandse strijdkrachten in Oekraïne. Sinds 2024 is er sprake van een verschuiving: terwijl de stroom westerlingen opdroogt, neemt het aantal rekruten uit Latijns-Amerika – met name uit Colombia – toe.
Volgens het ICCT worden deze nieuwe groepen vaak gedreven door louter financiële motieven en kunnen zij worden beschouwd als ‘poor man's mercenaries’. Dit leidt binnen Oekraïense eenheden tot spanningen: westerse strijders kwamen veelal om ‘quitte te spelen’, terwijl Colombianen nadrukkelijk komen om geld te verdienen en naar huis te sturen.
Hendrik besluit: ‘Het is dat verhaal dat de wereld moet weten. Ik ben geen pro-Rus. Ik heb in de eerste plaats een eed afgelegd op de Nederlandse vlag. Ik ga nooit aan de kant van de Russen staan; ook al betalen ze me 1 miljoen!’
Met medewerking van Chris Colijn.
Help ons om RAAM voort te zetten
Met uw giften kunnen wij auteurs betalen, onderzoek doen en kennisplatform RAAM verder uitbouwen tot hét centrum van expertise in Nederland over Rusland, Oekraïne en Belarus.



